Tot slot: Gerard Platteau altijd en overal aanwezig

40 jaar fusie van gemeenten

Als er één man is die de fusie van heel dichtbij heeft meegemaakt is het wel Gerard Platteau, de eerste burgemeester na de fusie. We hebben met hem het laatste gesprek van de reeks. Een kerel waar pit in zit, ook al is hij 87. Belleman luistert geboeid naar deze spraakwaterval.

Hij orkestreert als geen ander de politiek van Ternat. Vriend en vijand, maakt niet uit, hij spreekt met iedereen. Hij weet veel van alles en iedereen en organiseert als een meester de communicatie in een tijd dat er amper aandacht voor was. Je kunt er moeilijk aan voorbij ook: Gerard woont eigenlijk op het gemeentehuis, hij is er altijd en voor iedereen. Dit wil echter niet zeggen dat alles wat hij doet zomaar passeert, maar je moet sterke papieren hebben om tegen hem in te gaan. Het levert hem tijdelijk de bijnaam van Jieaar (JR), naar de gelijknamige kerel uit de serie Dallas… Gemeenteraden met 15 punten duren minder dan een kwartier. Stemmen is vaak een formaliteit gezien zijn grote politieke fractie. 24 jaar is hij burgemeester als hij tenslotte in stilte verdwijnt van het politieke toneel. De politiek volgt hij nog, maar hij zegt dat hij zich niet meer moeit met de beslissingen. Belleman kan dat moeilijk geloven, het is nu eenmaal zijn temperament…

Voor de fusie

Via zijn schoonvader kwam Gerard in de Lombeekse politiek in het jaar ’58. Hij komt uit een grote familie met 13 kinderen waarvan zes jongens. Hiervan was hij de jongste. Hij komt terecht bij de bokken (boeken). De geiten hebben sinds 1918 tot 1958 altijd de meerderheid gehad. In 1958 stopt deze hegemonie en Gerard komt in de gemeenteraad. De verkiezingen van 1964 leveren opnieuw een geit als burgemeester in de persoon van Jean Banck. De bokken zijn dan al de EVV (Eenheid, Vriendschap en Vooruitgang).

Met deze lijst gaan ze in 1970 naar de kiezer met als resultaat 5 gekozenen eentje meer dan de keer ervoor maar nog steeds in de minderheid. Het is dan dat Armand Van Eeckhoudt op een nachtelijk uur aan de toog burgemeester wordt als hij meedoet met de bokken. Armand stapt mee in de woordenstroom van het EVV en wordt effectief burgemeester, Gerard schepen.

Tijdens de verkiezingen van de fusie organiseert Gerard zijn Centrumlijst (CTL) en maakt hij een afspraak met BSP-VU. Het speciale is dat René, een broer van Gerard, op de lijst staat van de CVP. Twee politieke rivalen en broers die lijnrecht tegenover elkaar staan.

René had de kracht van het woord en kon de geesten van de mensen beroeren. Belleman herinnert zich een eerste ontmoeting toen hij in een overvol café op een stoel stond tekeer te gaan als een volleerd redenaar. Hij was het ook die na de verkiezingen vertelde” Er is in onze grote familie maar enen verkeerd gelopen: onze Gerard, die is burgemeester geworden…” Spijtig genoeg verdween deze figuur te snel van het toneel.

In 1976 behaalt Gerard een nipte meerheid: 7 leden CTL en 5 van BSP-VU, net gepast 12 van de 21 raadsleden. In 1982 behaalt zijn lijst 10 zetels en gaat hij samen met de CVP die er toen 8 hadden, een ruime meerderheid. In 1988 behaalt de LVB (Lijst van de Burgemeester) 16 gekozenen en kan dus alleen verder. Het wordt een periode waarin het politieke overwicht van Gerard zijn hoogtepunt kent. Toch blijft hij attent iedereen en alles volgen want hij beseft dat hoogmoed voor de val komt.

Hij slaagt er in via informele gesprekken mensen aan zich te binden. Dit levert hem politiek voordeel en Ternat een zekere stabiliteit. Je kunt je wel de vraag stellen is dergelijke politieke overmacht gedurende zo lange tijd op de duur nog gezond. Maar ja blijkbaar is de meerderheid van de Ternatse kiezers gecharmeerd door zijn aanpak en kan het beleid verder, al is er toch soms in de rangen al wat gemor te horen.

Aan de slag

Gerard heeft een grote daadkracht en gaat steeds op zoek naar oplossingen. Hij luistert bij vriend en vijand, distilleert hieruit mogelijke oplossingen en eenmaal echt overtuigd, gaat hij voor de volle 100 procent. Geen nonsens maar aandacht voor de noden zonder onderscheid. Zijn politieke tegenstanders staan soms met lede ogen aan de zijlijn te kijken als hij opnieuw zijn slag thuis haalt.

Wambeek krijgt na de fusie heel wat nutswerken maar geen echt groot project, ook geen sociale woonwijk. Lombeek is financieel gezond en daar liggen de plannen voor De Ploter klaar. Ook drie grote sociale woonwijken geven Lombeek een nieuw elan. Ternat is de rijkste van de drie door de opbrengst van het industrieterrein en heeft ook al de wijk Cantillon en het zwembad annex sportcomplex.

Voor Gerard is er geen echt verschil tussen de drie gemeenten en volgens hem ervaart ook het grootste deel van de bevolking dit samengaan als positief.

Wel ziet hij dat vooral Ternat verstedelijkt met de bijkomende problemen van dien. Het verkeer in Ternat bezorgt velen grote ellende. En dan komen opnieuw rare plannen boven water zoals een tunnel voor de steenweg en de onteigening van meer dan 100 huizen.

Om af te sluiten vertelt hij Belleman een voorval over deze verkeerssituatie waaruit moet blijken dat de fusie een goede zaak is. Op een dag, nog voor de fusie, moet hij naar de provincie komen. Ook Rodts en Mertens zijn daar voor Ternat. Er liggen plannen op tafel voor een verkeerskoker die zou starten van de spoorwegbrug aan het recyclagepark. Vraag is nu: gaat de weg van daar naar rechts over het grondgebied van Ternat of naar links door Lombeek? Er ontstaat daar een discussie tussen Ternat en Lombeek die tenslotte uitmondt in zware ruzie voor de ogen van de verbaasde plannenmakers van de provincie. Ze maken het daar zo bont dat de plannen voor altijd in de kast blijven.

Na de fusie zouden deze plannen gerealiseerd zijn en zou het verkeersinfarct van Ternat niet zo groot zijn geweest als nu, besluit de voormalige burgemeester.

Misschien, bedenkt Belleman, slechter dan de verkeerssituatie nu is, kan nog moeilijk.

Belleman