Van bellekentrek komen zaken

Aandacht voor ondernemende lokale mensen had ik hier gezegd. Na De Meuter en Vermeersch is nu kantoor Dekerf, geen onbekende in Ternat, aan de beurt. Het is in 1958 een aparte start van Gilbert Dekerf en Monique Deberdt, West-Vlamingen die onze contreien komen opzoeken. Meer dan 55 jaar zijn ze inmiddels in de ‘business’ met een verantwoordelijkheid als lokaal werkgever.

Schieten of gaan aanbellen?

Gilbert moet niet naar zijn woorden zoeken, dat blijkt direct als hij zijn verhaal begint te doen. Samen met zijn vrouw Monique belandt hij in 1961 in Ternat. In de wijk Cantillon staan immers woningen te koop en voor het jonge gezin is dit een uitgelezen kans. Gilbert. afkomstig uit het West-Vlaamse Merkem, zoekt eerst zijn professioneel heil bij het Belgisch Leger, maar hij beseft al snel dat dit niets voor hem is. Hij doet mee aan examens bij  de RTT ( nu Proximus), trouwt met zijn madam uit Veurne en zoekt een woonst in Brussel.

Via een collega verneemt hij de kans op een woning in Ternat, hij aarzelt geen moment. Gilbert is niet de man die stilzit en via een toevalligheid komt hij in contact met mensen van het CHVK, de Centrale Verzekering- en Hypotheekkas. Gilbert wordt zelfstandig bankagent voor deze kas die later HSA wordt, nog later KBC, dan Centea om uiteindelijk Crelan gedoopt te worden. Hij integreert zich snel in Ternat. Dat kan moeilijk anders, vertelt Gilbert “ Ik deed in die dagen veel aan ‘bellekentrek’ en was ganse dagen de baan op. Er diende brood op de plank te komen.”

Om nog wat zekerheid achter de hand te houden, doet Gilbert dit aanvankelijk halftijds. Maar al snel wordt dit voltijds en krijgt hij de ondersteuning van Monique die onderwijs verlaat voor de bank. Het gaat snel en als hij de kans krijgt om er verzekeringen bij te nemen, aarzelt hij geen moment.

 

Een andere tijd.

We spreken over de jaren zestig/zeventig, een totaal andere tijd dan nu. Klanten hebben andere noden waaraan dient voldaan en de mogelijkheden zijn beperkter.

 Gilbert herinnert zich uit die periode dat hij per fiets naar een naburige gemeente rijdt om een belangrijke som geld op te halen. Hij krijgt het echter niet mee omdat hij per fiets was. Hij dient te bellen naar een inspecteur die met de wagen komt… Nu sta je eerst een tijdje in de file!

Als hij op een dag de post binnenkomt, zit Dolf Wambacq aan het loket. Gilbert heeft een pak folders mee om zijn nog prille zaak in Ternat bekend te maken. Dolf geeft hem de raad om zijn folders opnieuw mee te nemen. “Als inwijkeling kan je hier in Ternat toch geen zaken doen, het heeft dus geen zin de kosten te doen van het versturen.” Maar Gilbert is niet onder de indruk en Dolf moet de reclame aannemen wat had je gedacht.

Gilbert en Monique maken zich lid van verscheidene verenigingen (KWB, VTB…) en zijn geziene deelnemers aan de jaarlijkse bloemenstoet. Het zakencijfer stijgt van jaar tot jaar. Van de wijk Cantillon wordt het De Feyterstraat. Op dat moment is er wijlen Mon Cardoen  die hen als boekhouder de raad geeft een vennootschap op te richten.

Eind jaren 80 komt er de nieuwbouw in de Statiestraat. Zoon Dirk is dan al een paar jaar mee actief in de zaak. Nadien komt Joske, de echtgenote van Dirk, ook aansluiten. In 2011 wordt het kantoor Dekerf grondig verbouwd en uitgebreid. Verzekeringen, zakenkantoor en een bankfiliaal van Crelan krijgen er onderdak net als elf medewerkers.

Dirk bevestigt wat we denken: het is hard werken in een competitieve markt. Toch blijft het kantoor flink groeien. Dirk wijt dit aan de gepersonaliseerde aanpak die rendeert. Alhoewel digitalisering en marketing de markt eigenlijk net onpersoonlijker maakt, blijft dat persoonlijke contact sterk geapprecieerd door de vele klanten. In dat opzicht is het misschien nog niet te sterk veranderd vergeleken met de tijd van vader Gilbert, persoonlijke relaties en zorg blijven belangrijk.

Een derde generatie klanten doet zijn opwachting. Men zal het geweten hebben aan de Statiestraat. Dit, samen met een steeds uitgebreider aanbod, zorgt ervoor dat ze op kantoor weten wat doen. Maar we horen ze daar niet klagen, het moet tenslotte een beetje vooruitgaan, dat is nu eenmaal de familie Dekerf.

 

Belleman